Rust
Ik zou nooit boer(in) willen zijn. Het zou het romantische gevoel dat ik erbij heb snel om zeep brengen. Dat neemt niet weg dat ik graag op het boerenland rondkuier. Wijds en stil, daar hou ik van.
Gisteren wilde ik, ondanks mijn zomerreces, toch even naar de graanvelden. Kijken hoe het ermee staat. Het gaat erg snel namelijk. Ik zag vorige week een boer die zijn graan al in balen had verpakt! Dus ik trok erop uit, de Dordtse polders in. Dat is genieten! Het is er doordeweeks zo rustig. Ik rij wat rond en stop dan wat en stap uit en loop een eindje en ik kijk voor de vorm in m’n spiegel als ik op de rem trap, ik kan dat ongestraft vergeten. Af en toe rijdt er een landbouwvoertuig, soms een eenzame fietser…
De koeien en paarden die ik zag hadden het moeilijk. Ten eerste snap ik niet waarom er geen situatie voor wat schaduw voor die beesten wordt geschapen, de schapen, nu we het er toch over hebben , moeten het helemaal warm hebben in hun wollen jasjes. Bovendien werden ze lastig gevallen door de dazen. Ze lieten dat merken door flink met de staarten te wapperen en met de poten te schoppen. Zelf werd ik ook belaagd.
Graan wel, papavers niet.
Het is gewoon te warm. Om achter de laptop te zitten, om te fotograferen, overal voor eigenlijk. Als ik al foto’s maak, àls ik ze al klaarmaak, dan ben ik nog te lamlendig om ze hier te plaatsen. Vanochtend stond ik, ondanks dat ik kon uitslapen zoveel ik wilde, al om half zeven naast mijn bed. Warrum! Alles tegenover elkaar open gezet. En me vandaag maar koest houden, want thuis heb ik geen airco.
Hieronder wat foto’s van afgelopen week. Zo ongeveer dan.
Het graan staat al lekker vol op het land. Ik hou van velden vol met iets. Met graan bijvoorbeeld dus, of koolzaad, of klaprozen, of tulpen, of papavers of paardenbloemen! Het is een heerlijk rijk gezicht.
Vorig jaar had ik enkele papavervelden ontdekt in de buurt van Dussen, Brabant. Dit jaar ging ik weer op zoek, maar noppes. Misschien kunnen papavers maar één keer op hetzelfde land groeien? Jammer. Toen maar aardappelvelden gefotografeerd.
Mooi die strak opgesneden walletjes!
Fietstocht door de polder
Ik fiets niet vaak, ben echt een gelegenheidsfietser. Het moet mooi weer zijn, niet winderig, nat of koud. Vandaag was zo’n dag.
We waren nog maar nauwelijks op weg of we kwamen de eerste klaprozen van dit jaar tegen . Althans in Nederland, op Madeira stonden ze in maart al te bloeien.
Tegen een talud stond een groepje.
Na een lange fietstocht (voor mijn doen dan) en mijn zadel behoorlijk hard bleek, gingen we zitten in een natuurgebied waar de boterbloemen vrolijk staan te bloeien.
Een zwaan kwam koninklijk langs ‘varen’.
Ik liep wat naar het water en een libel schrok van mij op. Ik stond stil en wachtte waar hij zou gaan zitten. Dat was een paar stappen verder.
Iedere keer vloog de libel op en ging aan een ander takje hangen. Hij vond het prima dat ik hem tot dicht naderde en vanuit alle hoeken fotografeerde.
Net als de zwaan leek hij te weten dat hij mooi was en spreidde zijn vleugeltjes voor me.
Dordtse Biesbosch
Omdat het eindelijk weer eens fatsoenlijk weer was zijn we een wandeling door de Dordtse Biesbosch gaan maken.
Het is er lekker rustig en ook redelijk begaanbaar. Na een hevige regenbui kun je beter laarzen aandoen.
Een vlindertje kwam voorbij vliegen met bijzonder oranje gekleurde vleugel-delen. Het is net of die oranje delen er apart aangezet zijn. Ik baande mij een weg door de brandnetels, maar hij wist net als ik dichtbij genoeg was en scherp stelde, steeds weer uit mijn beeld te ontsnappen. Uiteindelijk kon ik ‘m fotograferen, maar niet zoals ik het zou willen.
De oranje-wit combinatie is rijk vertegenwoordigd in de Biesbosch.
We liepen weer terug langs de dijk, waar de schaapjes lagen te genieten van het aangename zonnetje.
Winter
Deze winter kan van mij al niet meer stuk. Zo mag het wel ieder jaar winter zijn!
Ik ben vandaag, na een telefonisch advies daartoe, de polder ingereden. Ik was eigenlijk van plan me eens op het huishouden te storten, strijken, stofzuigen, dweilen, genoeg te doen altijd, maar ja, zo’n advies sla ik niet in de wind. En het was een goed idee, want het was er heerlijk. Wat een rust en ruimte.
In de polder rij je op een smalle dijk, of eronder. Op de smalle dijk moet ik altijd even opletten als ik ga stilstaan om een foto te maken. Soms zie ik ineens in de spiegel dat er een auto achter me staat, geduldig te wachten. Veel mensen hebben toch wel respect voor de fotograferende medeburger en wacht braaf tot je klaar bent, toetert niet, maar wacht geduldig.
Als ik onder de dijk rij passer ik altijd schapen. Op het moment moeten ze wat meer moeite doen om hun eten te bemachtigen. Ze kwamen dan ook verwachtingsvol naar me toe gehobbeld toen ik naar ze toe kwam. Maar ik heb niets bij me, helaas.
Als ik zo aan het rond rijden ben doe ik dat volkomen op het gevoel. Ik begin nu (na anderhalf jaar wonen in deze streek) een klein beetje een idee te krijgen waar ik ben. Maar over het algemeen weet ik dat niet. Ik sla maar weer eens links af en rechts. En als ik een poosje ergens heb gestaan en foto’s heb gemaakt weet ik helemaal niet meer waar ik ben. Het is goed dat mijn auto in een bepaalde richting staat anders zou ik zo weer terug rijden. Maar ook dat geeft niet, want terugrijdend (of lopend, of fietsend) is alles weer totaal anders. Er moet wel een heel markant baken staan wil ik in de gaten hebben dat ik er al voorbij gekomen ben. Maar dat geeft allemaal niets. Als ik snel naar huis wil geeft ik mijn gps de opdracht: zoek huis. En als ik geen haast heb probeer ik het zelf en dat komt meestal ook wel goed.
Midden op de dag werpt de zon al lange schaduwen over het witte landschap.
Waar ik ook sta, overal hoor ik het gakkende geluid van de ganzen. Ze zitten in grote groepen in de weilanden, maar de meesten zie ik in de lucht. Ze zijn duidelijk ‘on the move’.
In de sloten zie je overal sporen van eenden en meerkoetjes. Ik heb mijn eigen afdruk ook even vereeuwigd.
Geoogst
De spruiten zijn geoogst. Onderweg in de polder kwam ik een tractor met aanhanger tegen, de spruiten in een hoge berg in de laadbak. Van mij hoeft het niet, spruiten…
…
Een hertje liep over het grote veld richting koe. Het waaide hard, zocht het hertje beschutting? De koe vond het best en graasde onverstoorbaar door.
Pas toen het hertje aan het oor van de koe snuffelde maakte de koe een gebaar van: Zeg doe ’s even normaal! (geen scherpe foto van).
Over 5798, 5749 en de rest
Koeien
Zondag was het een mooie dag tussen grijze, druilerige en nu ook natte dagen door. We gingen een frisse neus halen in de Merwelanden, een deel van de Dordtse Biesbosch, en kwamen een stel koeien tegen. Leuke beesten, koeien. Zo nieuwsgierig als wat. Ik ga op mijn hurken zitten zodat ik onder het prikkeldraad door kan fotograferen en als ik mijn camera laat zakken staat een koe bijna met zijn neus in mijn lens. Ze zijn ook heel sociaal. Ze hebben echt contact met elkaar. Ze plagen elkaar, likken elkaar, bijten elkaar zachtjes in de oren, het zijn net mensen. Een moederkoe is trots op haar kalf, dat kun je zien.
Bij de Merwelanden is ook de Sterrenwacht. Binnenkort op een donkere avond gaan we daar eens de camera op Jupiter richten!
Een paar van zondag
Het is echt te warm, en de fut om lang achter de pc te zitten is er niet. Ik had al een paar foto’s klaargemaakt van ons fietstochtje, de anderen komen misschien nog..
Na het gerst dat ik eerder fotografeerde tussen de klaprozen, is dit dus rogge, te herkennen aan de kortere sprietjes. Ik vind het altijd een prachtig gezicht zo’n veld van dat rechtopstaand graan.
Eigenlijk zou ik een hekel moeten hebben aan de veelheid aan hoogspanningsmasten die het landschap doorkruizen. Maar eigenlijk vind ik het niet storend. Ze staan daar stil en onverstoorbaar en zijn bakens in het landschap. Je ziet ze kleiner worden en de bocht omgaan. Wij hebben geen bergen, maar wolken denk ik altijd, maar wij hebben ook masten.
Het geeft wat perspectief aan het landschap.




































































