Geschiedenis 3
Mijn vader omstreeks twintig jaar oud. Dus rond 1936-1938. Strak in het pak, de vouw in zijn broek, sigaretje losjes in de hand, kat op schoot. Ik weet niet waar en door wie deze foto is gemaakt. Ik heb mijn vader zo niet echt gekend, zo keurig in het pak. Ik ken hem juist meer als de man die op zaterdag aan het klussen, met zijn verf besmeurde kleren het dorp in ging als hij nog iets nodig had.
Mijn vader liet gedurende zijn leven steeds meer conventies los. In zijn jeugd bestudeerde hij de Bijbel, later noemde hij zich atheïst en humanist. Hij werd steeds vrijer en liet zich niet leiden door de heersende opinies. Voor zijn tijd was hij bijzonder geëmancipeerd. Hij vond dat mannen en vrouwen gelijke rechten verdienden. Vrouwen, moeders, dienden een eigen salaris te verdienen en te ontvangen ook als ze niet buiten de deur konden werken omdat ze een gezin hadden. In dit soort kwesties werd hij steeds fanatieker.
Als ik problemen had op school, de klas werd uitgezet, omdat ik niet ‘gehoorzaam’ was nam mijn vader het voor me op. Waar mijn moeder nog wel ontzag had voor gezag, mijn vader totaal niet. En ik ook niet. In 1972 liepen we samen in een demonstratie in Amsterdam tegen de oorlog in Vietnam.
Mijn ouders waren geen vertellers. Hun leven had een loop genomen die ze liever achter zich lieten. Ze hadden de oorlog meegemaakt waarbij mijn vader in Duitsland tewerk was gesteld en mijn moeder een zieke man had. Ze was heel jong getrouwd met haar eerste man en deze overleed in 1947. In hetzelfde jaar maakte mijn vader ook een drama mee, zijn vader benam zich het leven.
Nu kijk ik op de foto’s in de ogen van mijn grootvader die dus al voor mijn geboorte was overleden en vraag me af wie hij was. Ik kan het niemand meer vragen. Het is toch maar twee generaties geleden en er is niemand meer die over ze kan vertellen. Alleen de foto’s getuigen ervan dat ze hebben bestaan.
Om de herinnering aan mijn ouders vast te leggen voor wie in het nageslacht geïnteresseerd is en het niemand meer kan vragen ga ik mijn herinneringen opschrijven. Er is niemand meer in leven die ze langer heeft gekend dan ik.
De trouwfoto’s van mijn ouders en grootouders in resp. 1949 en 1914.

















Recent Comments